Stichting Melanoom

Workshop Immunotherapie

Workshop van Margreet van Nijen, verpleegkundig consulent afdeling medische oncologie UMC Groningen.

In haar inleiding vertelde mevrouw Van Nijen dat ze het als onderdeel van haar taak ziet om alle ingewikkelde terminologie te vertalen naar begrijpelijke taal. Dat dit niet eenvoudig is, wordt geïllustreerd door het aantal publicaties: in 2016 zijn er maar liefst 3822 publicaties geweest. 

Vanuit een animatie op dia’s begint ze met de basisanatomie van de cel. De therapie wordt immers ook op celniveau gegeven, dus het is belangrijk dat ook wij de anatomie begrijpen. Het schema over communicatie tussen de cellen werd vergeleken met een plattegrond van een metrostation; een duidelijke uitleg waardoor wij meer inzicht kregen. 

De rationele immunotherapie begint met het voorbeeld van een spontane regressie (verdwijning) van het melanoom die ook voorkomt bij 3,7 tot 15% van alle melanomen en bij 0,25% van gemetastaseerde melanomen. Dit werd gevolgd door een voorstelling van de immuunrespons in diverse dia’s.

Het immuunsysteem kent 3 fasen:

1. Herkenning van antigenen (lichaamsvreemde stoffen)

2. Mobilisering van de afweer

3. Feitelijke vernietiging

De organen van het immuunsysteem werden benoemd, o.a. de thymus, milt, bepaalde plaatsen in de darm, alle lymfeklieren, tonsillen en beenmerg.

Wij hebben allen aangeboren immuniteit, waardoor een onmiddellijke reactie optreedt op lichaamsvreemde organismen. Daarnaast beschikt ieder over een verworven immuniteit. Deze wordt opgebouwd na contact met een ziekteverwekker, eerst via de placenta en later moedermelk, en nog later via vaccinaties tegen ziekten. 

Om deze immuunrespons begrijpelijker te maken, werden enkele animaties getoond:

a) Waarin de cellen werden getoond die betrokken zijn bij dit proces en het verschil tussen een geactiveerde en niet-geactiveerde immuuncel. 

b) Welke checkpoints (controlepunten) betrokken zijn bij de overdracht in en tussen de cellen. 

De immuuntherapie die nu op de markt is, wordt onderverdeeld in twee soorten:

a) De CTLA4 gerichte therapie (Ipilimumab) : De anti T-cel 4 wordt geblokkeerd zodat de opdracht tot celdeling stopt. Het activeren van de immuuncellen stelt het eigen immuunsysteem in staat om actief te vechten tegen de melanoomcellen. Deze therapie wordt gebruikt bij (subgroepen van) melanoom. 

b) De anti PD1 therapie, zoals Pembrolizumab en Nivolumab: antilichamen die een blokkade creëren tussen het PD1 eiwit (dat gevonden wordt op de T-immuuncellen) en het PDL1-eiwit (de verschijningsvorm van de melanoomcellen). Op deze manier worden de eigen immuuncellen in staat gesteld de melanoomcel te herkennen als ‘de vijand’ en deze actief te vernietigen. Deze therapie wordt o.a. gebruikt bij (subgroepen van) melanoom- en longkanker en niercelcarcinoom.

Hieruit valt ook te begrijpen waarom een combinatie van deze immuuntherapieën betere resultaten geeft: zij hebben andere aangrijpingspunten.

Hierna volgden nog dia’s van patiënten die de snelheid van het verdwijnen van de tumor lieten zien.

Op de volgende dia’s was een grafiek te zien in welke periode van de immuuntherapie de verschillende bijwerkingen kunnen optreden. Deze bijwerkingen kunnen zich uiten in darm-, nier-, long-, huid-, lever-, neurologische, endocriene (stofwisseling) en oog-problemen. Sommige bijwerkingen kunnen ernstig zijn en onmiddellijke behandeling behoeven. Soms zijn de bijwerkingen zo ernstig dat de therapie gestaakt moet worden.

De voordracht werd besloten met een grafiek over: Waar staan wij nu? Hiermee werd duidelijk dat immunotherapie een spectaculaire verbetering kan geven voor subgroepen patiënten en dat de combinatie-immunotherapie betere uitkomsten geeft maar ook meer bijwerkingen.

Wat betreft de term subgroepen melanoom: hiervoor wil ik graag verwijzen naar mijn verslag van de lezing van prof. Haanen, waarin werd uitgelegd voor welke subgroepen binnen ‘melanoom’ de immunotherapie het beste werkt, en de zorgen over de soms (zeer) ernstige bijwerkingen.

De lezing werd afgesloten met een vragenronde waarvan dankbaar gebruik werd gemaakt.

Auteur: Martina